De domme fietskoerier

Ik heb boodschappen gedaan en fiets terug naar huis. Het is koud. Op het journaal van gisteravond had de weerman gezegd dat het – 5 zou worden. Daar kan hij achteraf gezien wel eens gelijk in hebben gehad.

Terwijl ik wacht voor een stoplicht, word ik gepasseerd door een fietskoerier. Aan zijn fiets is een karretje verbonden en op zijn rug draagt hij een tas voor zijn bestellingen. Op het karretje ligt niets, de tas ziet er leeg uit.

Bij het volgende stoplicht sta ik achter de fietskoerier. Nu heb ik de tijd om de tekst op zijn rugtas te lezen. Die vermeldt de naam en het telefoonnummer van zijn werkgever. Wanneer het licht op groen springt, haalt de fietskoerier snel twee voorliggers in. Ik volg zijn spoor en verbaas me over de vingerloze handschoenen die hij draagt.

Dat dit gedeelte van het fietspad erg glad is, ontdek ik wanneer de fietskoerier, die inmiddels enige afstand van mij heeft genomen, onderuit glijdt. Met een korte vloek staat hij op en klopt wat oude sneeuw van zijn broek. Terwijl ik voorbij rijd, blijf ik met moeite overeind.

Al snel neemt de fietskoerier weer de leiding. Om ongelukken te voorkomen, fietst hij nu over de weg, die van het fietspad is gescheiden. Tweehonderd meter verder wachten we voor hetzelfde stoplicht. De koerier draagt een gewone trainingsbroek; geen strakke wielrenbroek, zoals je die gewoonlijk bij fietskoeriers ziet.

Bij groen schiet hij weg om definitief afstand te nemen. Voordat hij om de bocht verdwijnt, zie ik hem nog een oude vrouw rechts inhalen. ‘Wat een domme fietskoerier’, denk ik.

Writing = art (and love)

It may seem a cliché to state that Huckleberry’s adventure contributed to my understanding of the system of slavery in the United States before the Civil War, but it did, and in this essay I’d like to explain why I think a novel is better capable of doing so than a history book. In order to do so, I will make a distinction between ‘knowing’ and ‘understanding’, for at certain moments in the book I truly felt I understood what this system was about, while I, obviously, knew about it all along. In doing so, I will answer how I think historical background and novel interact.

At several points in Mark Twain’s account on Huck Fin I, as reader, was genuinely struck by the fact how white people actually thought about there black fellow humans, and how this mindset defined society. Especially on page 41, when Jim tells Huck about the moment he ran off. When Jim mentions a ‘nigger trader roun’ de place considable’, I immediately thought about the so-called head hunters in World War II, people who went after Jews for money. At that moment, I felt I truly understood a little bit how a person like Jim must have felt, and what ‘the racist structure of society’ means, as Emory Elliot, Professor of English at the University of California, writes in the introduction of the book. I realized I never thought about how a slave market must have looked like at that time; or even the concept itself, the fear that must have taken possession of all the Jim’s back then while all Miss Watson’s were concerned about the ‘big stack o’ money’ they could make by selling ‘a nigger’.

Examples like these help (me) to grasp the way many people in (prewar) America thought, and what others, more understandably, despised. How it could divide society. But why is it that a sentence in a novel has more power than perhaps a whole chapter in a history book about the subject? Let’s look at another example from the novel to answer this question.

At page 92 Huck and Jim are separated and the former meets the Grangerford’s. Huck tells us how everybody listened to his story and ‘smoked cob pipes’, ‘except’, and this is important, ‘for the nigger woman’. My first reaction was: of course, logical, she wasn’t considered a real member of the family. Isn’t it plain obvious she isn’t around? Why tell me so explicitly? I felt Twain pushed it too much, was too eager to tell me about the inequality in society. And I was actually a bit disappointed: I couldn’t believe Huck anymore.

At this point in the book, I felt the novel suffered from the fact that I had a ‘I get it-reaction’. The story Huck told me was, just for a moment, no longer credible. The fact that I did believe the example mentioned earlier, or as a matter of fact the whole book, is the power of a novel: facts (slavery) become more than just facts, like separate notes make up a melody (the story). Most of it is made up, yes, but when told convincingly the novel is likely to have more impact (understanding) than ‘dry facts’ in a history book (knowing).

A good novel, consequently, can only illustrate history if the reader will believe the story that is told in the book. Without it, as I have tried to illustrate, true understanding of life, in both past and present, is not possible. How to achieve that, well… that’s what makes a good writer a true artist indeed.

De grote gedachte

U wilt weten wat de grote gedachte achter dit blog is?

Bruce Lee said it best: “Take what is useful, discard what is useless and make it your own.”

Leven (gecensureerd)

V(27/5, 21:35): Morgen nog hangen aan de Dom? (Wel om zes uur opstaan hè…)

A(28/5, 08:34) : De Dom is te hoog gegrepen voor mij. Dat van 6uur opstaan, snap ik niet… Leg ’s uit?    

V(28/5, 19:42): Dat had mijn bijdrage aan b.l.o.g. moeten zijn, aldus het voornemen. Goed, met het weekend voor de boeg hoop ik een en ander nog te verduidelijken… Ciao!

A(28/5, 19:45): Wacht in spanning af… Vanavond U-town dus? Veel plezier: schreeuw het niet van de toren, maar hang het aan de grote klok!

V(28/5, 20:00): Dat is alweer een bijdrage op zich… Ik bewaar ze om te posten – shock and awe bob/fer/beau! ***** verneuken de stad…

 A(28/5, 20:02): Helder en clear! Zeg hoi tegen de menigte…

A(29/5, 11:18): Terwijl ik nu (11:15) naar het Italiaanse woordenboek kijk, begrijp ik die opmerking over opstaan om 6uur ook… Anyway, wordpress is waitin’…

‘Cafe Lisboa’

“Café Lisboa”

Vermoeiend, maar verbazingwekkend. Vrouwen. Waarom moeten vrouwen altijd praten? Terwijl de volume van de speakers op maximaal staat, blijven vrouwen in de loungebars maar kletsen. Hebben ze elkaar iets te melden? Ik geloof er niks van. Schoenen, G*cc* handtasjes? Beau Michel’s zegt pathetic fashion. Mannen doen dat anders. Een drankje, mond houden en voor je uit staren. Wij hebben niet veel woorden nodig om elkaar te kunnen begrijpen. Je wijst iemand aan met je ogen, en je kunt met één woord reageren: “a’ight” of “wack”. En daarmee vat je in één woord samen waar vrouwen het over hebben. Zo ook in Café Lisboa. Alleen werden wij in die wijk gedwongen een woord toe te voegen aan onze vocabulair: “fagatto”! Beau Michel’s says: “Be cool, be straight, it’s okay to be my mate!”

Bobby Ferdinand Michiels

Amsterdam, mei 2010

‘Pathetic Fashion II’

Pathetic Fashion II

Beau Michel’s says: “Message! holding on, to the thing that keeps us strong!”

Bobby Ferdinand Michiels

Amsterdam, mei 2010

‘Pathetic Fashion’

Pathetic Fashion

Als zwart niet in is, dan is wit weer hip. En als dik niet hip is, dan is mager weer trendy. Kortom, te veel dynamiek in een branche is misschien spannend, maar daarentegen in feite visieloos. De rode draad, de boodschap? Ik zie het niet. Laat mode niet naar je hoofd stijgen. Een knipoogje is al voldoende. Met zo’n houding kun je goedkope kleren toch met allure dragen. Niemand die het ziet. Geloof me, clubs kunnen je niet meer weigeren. Passion for fashion? Beau Michel’s ziet het anders: Pathetic Fashion. En nee, je ziet geen omgekeerde paraplu. Het regent juist in de modewereld.

Bobby Ferdinand Michiels

Amsterdam, mei 2010